vaos 1) 1. bloemenvaas thans vrijwel alg. de vorm vaoze geg. d. Wdo. op Z.eil. komt ook de gepalatiseerde vorm vaeze (vaesje) voor doch zie
beker.
2. stolp over e. heiligenbeeld: L.v.H.; Wdo.; ook het beeld met de stolp. Aant.: Wkp. kent vaezen: onder e. stolp geplaatste wassen kunstbloemruikers.
3. hoge zijden pet (ouderw. boerendracht) geg. d. Lam.; Wdo.
1) uitspr. faos: L.v.H.